Verdwenen plekken
Verdronken land bij Marken
Langs de zuidkant van Marken eindigt het eiland tegenwoordig bij de dijk, maar vroeger liep het land verder door. Op bewoonde werven lagen Thamiswerf, Houtemanswerf en Kraaienwerf, kleine buurten die in de achttiende eeuw door dijkdoorbraken, afkalving en terugtrekkende inlaagdijken verloren gingen. Het open water bewaart hun plaats, terwijl historische kaarten en recent gevonden houtresten laten zien dat hier niet alleen grond verdween, maar een bewoond landschap.
Waarom hierheen?
Aan de Zuidkade wordt duidelijk dat de huidige omtrek van Marken geen vanzelfsprekende grens is. Voorbij de dijk lagen ooit akkers, sloten, lage kaden en drie bewoonde werven. Het contrast tussen het smalle eiland, de beschermende dijk en het open water maakt het verlies ruimtelijk voelbaar. Een historische kaart verandert de lege watervlakte in een landschap waarin mensen woonden, werkten en telkens opnieuw plaats moesten maken voor de Zuiderzee.
Wat zie je?
Je ziet de Zuidkade van Marken, graslanden achter de dijk en het open water waar het eiland vroeger verder doorliep. Van Thamiswerf, Houtemanswerf en Kraaienwerf staan geen huizen of zichtbare terplichamen meer overeind. De belangrijkste aanwijzingen zijn de abrupte kustlijn, de naar binnen verlegde dijk, oude kaartbeelden en de archeologische resten die onder water en in de bodem bewaard zijn gebleven.
Waarom doet deze plek ertoe?
Het verdronken land laat zien hoe een eiland niet in één ramp verdween, maar stukje bij beetje kleiner werd. Wanneer een buitendijk niet meer te herstellen was, werd verder landinwaarts een nieuwe dijk aangelegd. Land, erven en uiteindelijk complete werven kwamen buitendijks te liggen en werden prijsgegeven. Marken bewaart daardoor een zeldzaam landschap waarin de huidige kustlijn tegelijk een oude verdedigingslijn en een grens van verlies is.
Het grotere verhaal
De zuidkant van Marken lijkt tegenwoordig helder begrensd. Achter de groene dijk liggen graslanden, sloten en de verspreide werven van het eiland; aan de andere kant begint het open water. Die scherpe overgang wekt de indruk dat Marken altijd ongeveer deze vorm heeft gehad. Historische kaarten vertellen iets anders. Voorbij de huidige dijk lag nog land en op dat land stonden drie bewoonde werven: Thamiswerf, Houtemanswerf en Kraaienwerf.
Marken ontstond in een laag veenlandschap dat voortdurend werd gevormd door water, inklinking en menselijke ingrepen. Vanaf de middeleeuwen werd het gebied ontgonnen en bedijkt. Bewoners bouwden hun huizen niet gelijkmatig over het land, maar concentreerden zich op verhoogde woonplaatsen. Deze werven boden bescherming wanneer het water over lage dijken of over het land stroomde. Rond de huizen lagen erven, paden, sloten, weiden en kleine kaden. Het waren geen losse terpen in een lege watervlakte, maar onderdelen van een bewoond en gebruikt landschap.
De dijken rond Marken konden de Zuiderzee niet altijd keren. Ze lagen op slappe veengrond, waren lager en minder zwaar dan moderne waterkeringen en werden tijdens stormen door golven en hoogwater aangevallen. Wanneer een dijkvak doorbrak of te ver was aangetast, kon herstel moeilijker worden dan terugtrekken. Dan werd verder landinwaarts een inlaagdijk aangelegd. De nieuwe dijk beschermde de resterende bewoning, maar het land tussen de oude en de nieuwe waterkering werd opgegeven.
Zo verschoof de grens van Marken meerdere keren naar binnen. De zee nam niet in één nacht een volledig eiland weg. Eerst verdwenen stukken weiland en buitendijkse grond. Daarna kwamen wegen, erven en gebouwen dichter bij het water te liggen. Uiteindelijk raakten ook bewoonde werven geïsoleerd of onhoudbaar. Houtemanswerf verdween kort na 1703, Thamiswerf kort na 1720 en Kraaienwerf rond 1775. Volgens lokale historische kennis ging door dit langdurige proces ongeveer een derde van het vroegere eiland verloren.
De verdwenen buurten stonden nog lang op kaarten aangegeven. Aan de zuidkant van Marken zijn daarop uitstekende landpunten, kleine dijken en woonplaatsen te herkennen die buiten de latere kustlijn liggen. Zulke kaarten maken zichtbaar dat de huidige waterkant geen oorspronkelijke eilandsrand is. Zij is het resultaat van opeenvolgende keuzes: herstellen waar dat mogelijk was, terugtrekken waar de schade te groot werd en aanvaarden dat huizen en land buiten de nieuwe bescherming kwamen te liggen.
De drie werven verdwenen niet spoorloos. In de bodem en onder het water kunnen resten van dijken, beschoeiingen, sloten en bewoning bewaard zijn gebleven. Voorafgaand aan de versterking van de Zuidkade werd daarom archeologisch onderzoek uitgevoerd. Oude gegevens wezen al op zones waar resten van de verdronken werven konden liggen, maar boren, radar en sonar leverden aanvankelijk weinig tastbaars op.
Dat veranderde in 2023. Tijdens werkzaamheden haalde een graafmachine vijf grenen planken en een paal uit het water. Jaarringenonderzoek wees uit dat het hout in het najaar van 1760 of 1761 was gekapt en uit het Oostzeegebied afkomstig was. Onder water bleken twee evenwijdige rijen planken en palen te staan met klei ertussen. De constructie kan onderdeel zijn geweest van een dijklichaam, een beschoeiing of een palenscherm dat land tegen afkalving moest beschermen.
Omdat het hout binnen het bekende archeologische monument werd gevonden en de twee andere werven al vóór 1760 waren verdwenen, wordt een verband met Kraaienwerf waarschijnlijk geacht. Volledige zekerheid over de functie bestaat nog niet. Mogelijk hoorde de constructie bij een dijk ten zuiden van de werf. Het kan ook een verdedigend palenscherm zijn geweest langs grond die al door het water werd bedreigd. Juist die onzekerheid past bij een landschap waarvan alleen losse onderdelen onder water zijn overgebleven.
Aan de Zuidkade is van de drie woonplaatsen bovengronds niets herkenbaars bewaard. Er staat geen ruïne en er steekt geen verlaten fundering uit het water. Toch is het verdwenen land in de vorm van Marken af te lezen. De huidige dijk ligt verder naar binnen dan oudere waterkeringen. Het eiland houdt plotseling op waar vroeger nog grond, sloten en huizen lagen. De watervlakte voor de dijk is daardoor niet leeg, maar bedekt een oudere laag van het eiland.
De open ruimte wordt leesbaar door het huidige landschap met historische kaarten te vergelijken. Kijk vanaf de dijk naar het zuiden en volg niet alleen de waterlijn, maar ook de bochten en terugwijkende vorm van de kust. Daar lagen geen grote dorpen of stenen monumenten, maar kleine buurten waarvan het bestaan afhankelijk was van lage dijken en verhoogde erven. Het water voor Marken markeert hun plaats. Waar nu alleen golven, vogels en een verre horizon zichtbaar zijn, liep ooit het eiland verder.